Wie waren de Romeinen?
Bewoners van de stad Rome worden Romeinen genoemd. Zo was het 2500 geleden ook. Rome ligt in het deel van Europa dat nu Italië heet. Door de jaren heen veroverden de Romeinen velen landen, zodat er een enorm groot rijk ontstond.

Hoeveel Romeinen waren er?
Niemand heeft ze ooit allemaal geteld, maar toen het rijk op zijn grootst was, woonden er waarschijnlijk zo’n 60 miljoen mensen. Rome werd eerst geregeerd door koningen, daarna door senatoren en ten slotte door keizers. Sommige mensen, burgers genoemd, konden stemmen om te bepalen welke senatoren belangrijke taken zouden vervullen. Er waren drie soorten burgers, dit waren allemaal mannen. Vrouwen en kinderen mochten niet stemmen. Een generaal die over Rome regeerde en veel vrienden, maar ook vijanden had, was Julius Caesar. Hij had de Romeinse republiek enkele jaren daarvoor gered van twee Germaanse stammen. De Teutonnes en de Cimbre.
De relatie tussen Marius en de Julius familie was erg hecht; Marius was getrouwd met een zus van Caesars vader. Caesar behoorde dus tot een machtige familie. Op 15 maart 44 v. C. werd Julius Caesar door enkele mannen neergestoken. Een van deze mannen was Brutus, die hij altijd als vriend had beschouwd! Ook een belangrijke keizer was Keizer Nero. De meeste geschiedkundige zien Nero als een tegenstander van oorlog en geweld. Tijdens zijn regering zijn er ook zeker lange perioden van vrede geweest. Als hartstochtelijk liefhebber van kunst dacht Nero dat muziek, gedichten en theater de wereld beter zouden maken. Hij besteedde fortuinen aan de bouw van schitterende gebouwen en bood de Romeinen de mooiste schouwspelen aan. Toen hij stierf, in 68 na Christus was hij bij het Romeinse volk nog enorm populair. Volgens de legende werd Rome in 753 v.C. gesticht door de tweeling Romulus en Remus. Als baby werden ze te vondeling gelegd en grootgebracht door een wolvin.

Dineren en drinken bij de Romeinen
De maaltijd was een belangrijk onderdeel van de dag in de Romeinse tijd. Hoofdzakelijk bestond deze uit brood. Een Romeinse dag bestond voor de Patronus (rijke man) uit opstaan, vlug wat eten, eerste clientes (beschermelingen van de Patronus) begroeten en vervolgens ging hij naar zijn werk. Daar had men rond twaalf uur weer een korte pauze en werkten daarna nog kort door. Ze gingen vaak al rond drie uur naar huis, omdat het in Rome te heet was om nog door te kunnen werken. Ook de zonen van de Patronus, die naar school toegingen, kwamen rond drieën weer thuis. De dochters en vrouwen bleven thuis en hielden zich bezig met het huishouden. Men ging vervolgens naar de Thermen. Dit waren badhuizen, met warme en koude baden. Hier konden ze alle stof en zweet van de dag van zich afwassen en tot rust komen. Als ze eenmaal weer thuis kwamen, volgde de grote maaltijd. Dit was een sociaal gebeuren en nam vaak een paar uur in beslag. Tijdens de grote maaltijd, cena genoemd, lagen de mannen op aanligbedden, zaten de vrouwen er op stoeltjes naast en zochten de kinderen zelf een plaatsje op de rand van zo’n aanligbed of op de grond. De avondmaaltijd was geen knusse familiebijeenkomst, maar meer een zakendiner. Het doel hiervan was om de gasten zoveel mogelijk te imponeren met duur en exotisch eten en een mooi aangeklede eetkamer. Het enige wat Romeinen voor drinken hadden was wijn of water. Dit as het enige dat zij nuttigden, soms een combinatie van de twee. De plaats waar je aan tafel lag, gaf je status weer.